C’est le chant des géants et de la corporation de St Sébastien. Les paroles d’origine ont disparues mais la mélodie date du 17ème siècle. En 1816 des vers ont été composés par le poète Hendrikzone (E.HIEL). l’harminsation du refrain et la composition des couplets a été réalisé par par Godfried Stauff (Klemens Wytsman).
Heft Ons Banier ’t sein der vrijheid aller Belgen zoo dier Wee die haar raken zou Eerloos en zonder trouw Ons Banier is ons dier Ook dragen wij ze hoog en fier God bevrijde Ons Banier
Als ’t Vaderland ons roept tot strijden, nog vaardig van de aloude tijden, zal Vlaanderens volksbestaan en macht, zich vesten op der Gilden kracht, de heldenroem zal nog herleven, dat Belgen in den sporenslag verhief, en Frankrijk schrikken zag.
O praelstuk van ons eigen glorie, aanhoor ons Gildes grijz’ historie, gesticht door eene prinsenhand, hier eeuwen bloeit ons broederhand; ons boek vereenigt trots te samen, een reeks van grootsche vorstennamen; en Vlaandrens Grave’s koningszoon, uit liefde en gunst schonk u ten loon.
En, zie nu bij uw statig wapperen, vergaert ons schutgeest zijne dappren, wij komen allen hand in hand, verbroedren voor het vaderland! Onz’ zang zal van uw lof herschallen, en immer klinkt aan Denderwallen, o dierbare Standaert, wees gegroet, aan u ons hart, aan u ons bloed.