De Ros Beiaardommegang dankt zijn ontstaan, zoals de meeste oude volkse optochten, aan de religieuze processies. Eén van de belangrijkste Dendermondse processies in de 14e eeuw was die van de kerkwijding. Ze ging uit op de feestdag van Sint-Jan-Onthoofding op het einde van de oogstmaand (29 augustus).
Door geleidelijke toevoeging van wereldse elementen is deze processie uitgegroeid tot de ons bekende Ommegang.
Naast religieuze taferelen werd de Ommegang vanaf de 15e eeuw aangevuld met een optocht van de schuttersgilden, de rederijkers en de ambachten. Diverse muzikanten verzorgden de muzikale opluistering met trompetten, luiten, harpen en pauken.

In de 15e en eerste helft van de 16e eeuw trok de Ommegang jaarlijks door de stad. De concurrentie tussen de verschillende verenigingen zorgde voor een hogere kwaliteit van de optocht. De wedijver liet zich ook voelen tussen de diverse steden in de Nederlanden waardoor Dendermonde vanaf de 15e eeuw gedwongen werd meer profane elementen op te nemen, zoals reuzen, kemels, olifanten, een walvis, vuurspuwende draken en … het Ros Beiaard.

De sage van het Ros verwierf immers via de troubadours en later via volksverhalen bekendheid in heel West-Europa. Middeleeuwse verhalen die de verbeelding van het volk aanwakkerden, kregen hun plaats in de Ommegang. Het is in deze tijdsgeest dat het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen voor het eerst werden voorgesteld.
Het paard was gemaakt uit wijmen en overtrokken met geverfd linnen.

In Dendermonde heeft het Ros Beiaard gaandeweg de hoofdrol gekregen. Het paard is samen met de heldhaftige Vier Heemskinderen vergroeid met de Dendermondse ziel. Toen Ros Beiaard in 1990 zijn ronde door de stad maakte, was dit meteen het begin van een nieuwe traditie. Voortaan zou de Ommegang om de 10 jaar plaatsvinden.
De Dendermondse Ommegang heeft een hoge waarde op folkloristisch gebied en wordt ondersteund door traditionele voorschriften. Deze voorschriften zijn opgetekend in het
Ros Beiaardhandvest.

Sponsors

 

NL logo 2016